Crostata is dé Italiaanse zanddeegtaart die je in elke bar, bij elke bakker en bij elk restaurant treft. Voor bij een ‘caffè’ of als ‘dolce’. Gevuld met een jam of vers fruit, meestal naar familierecept. Met jam is onze favoriet: bosvruchtenjam maar ook abrikozen- of kersenjam. Crostata maak ik vaak spontaan met ingrediënten die meestal allemaal in huis zijn. Bak de taart gerust een dag eerder, daar wordt een crostata alleen maar lekkerder van.
Crostata ai frutti di bosco, voor 10 personen:
- 150 gram ongezouten roomboter
- 135 gram suiker
- 75 gram zelfrijzend bakmeel
- 225 gram bloem
- 2 eieren
- 250 gram bosvruchtenjam
- 1 eetlepel citroensap
Extra: evt. keukenmachine of mixer met deeghaken, vershoudfolie, bakpapier, ingevette springvorm van 24 cm ø
Kneed in de keukenmachine, met de mixer met deeghaken of met de hand een soepel deeg van de boter, 125 gram suiker, het bakmeel, de bloem, 1 ei en een beetje zout. Laat het deeg verpakt in vershoudfolie minimaal 30 minuten rusten in de koelkast.
Verwarm de oven voor tot 180 °C. Leg een vel bakpapier op de bodem van de springvorm en sluit de vorm. Rol twee derde van het deeg uit tot een deeglap van 3 mm dik. Bekleed er de vorm mee, met een opstaande rand van 2 centimeter.
Meng de jam met het citroensap en verdeel over de deegbodem.
Klop het overgebleven ei los. Rol de rest van het deeg uit tot een deeglap van 3 mm dik. Snijd het deeg in brede repen. Maak er een vlechtwerk mee op de taart. Bestrijk de bovenkant dun met losgeklopt ei en bestrooi met de rest van de suiker.
Bak de crostata in de oven in ongeveer 30 minuten goudbruin en gaar. Laat de crostata in de vorm afkoelen en snijd in 10 punten.
Bereiden: 20 minuten
Wachten: 30 minuten
Oven: 30 minuten
